DETAILS VERGETEN?

Tulsi en Rudhraksha

Kunnen planten en bomen heilig zijn?

Planten en bomen verschaffen ons voedsel, kleding, geneesmiddelen, bouwmaterialen en de zuurstof die wij inademen. Toch geven wij hun zelden de eer die hun toekomt. Wellicht meer dan bij enig ander geloof het geval is, hebben hindoes de goddelijke aard van de plantenwereld in kaart gebracht. In twee delen besteden wij aandacht aan twee uitzonderlijke gewassen die een unieke plaats in de levens van honderden miljoenen mensen innemen: Tulsi en rudraksha.

De miljoenen plantensoorten waarvan onze levens en levensvreugde zo afhankelijk zijn, worden in slechts weinig culturen gewaardeerd en verheerlijkt. De natuurvolken vormen hierop een uitzondering. De Braziliaanse medicijnmannen kennen elke plant. Zij zeggen dat zij met planten praten en veel van hen leren. Amerikaanse Indianen hebben nog steeds respect voor planten en kennen de wederzijdse relatie die wij met onze fotosynthetiserende verwanten hebben. Maar wanneer het om de kleinste details en rituele eerbied gaat, zijn er weinig andere culturen dan de Sanatan Dharm die zo’n diep inzicht in de complexe relaties tussen de mens en het plantenrijk hebben. Nagenoeg elke plantensoort heeft een doel en een religieuze plaats. Tot de elite worden rudraksha en tulsi gerekend. Deze zijn geliefd bij vereerders van respectievelijk Shiva en Vishnu. De rudraksha is een grote boom die een complex kornalijnachtig zaad voortbrengt. Tulsi is een bescheiden, borstelige struik. Beide worden gevonden in tempels, heiligdommen en bij mensen thuis. Toegewijden dragen delen ervan op het lichaam ter bevordering van de gezondheid en om de Goden te plezieren. Niet-hindoes gebruiken beide planten bij hun spirituele zoektocht.

Tulsi: het heilige basilicum

Tulsi (Latijnse naam: ocimum sanctum) behoort tot de Labiatae-familie. De klassieke naam, basilicum, betekent koninklijk of vorstelijk. Hindoes kennen de plant als Tulasi en Surasah (Sanskriet) of Tulsi (Hindi). Andere namen die gebruikt worden, zijn Haripriya (dierbaar aan Vishnu) en Bhutagni (vernietiger van demonen). Tulsi is een eenjarige struik met veel takken en zachte haren, variërend in hoogte van 30 tot 60 cm. De bladeren zijn iets smaller en lichter groen dan gewoon basilicum. Alle ocimumsoorten zijn gelijk, maar Vishnuïten volharden dat er maar één echte Tulsi is: ocimum sanctum.

Wat Tulsi van andere soorten basilicum onderscheidt, is de unieke religieuze betekenis. Tulsi is Goddelijkheid. De struik wordt, in tegenstelling tot de meeste heilige planten, niet louter beschouwd als een nuttig, door God gezonden iets, maar als incarnatie van de Godin Zelf. Wanneer men voor de Tulsi buigt, buigt men dus voor de Godin. Natuurlijk hebben de verschillende religieuze stromingen elk hun eigen zienswijze. Ge woonlijk stellen toegewijden van Vishnu Tulsi voor als Lakshmi of Vrinda; toegewijden van Ram kunnen Tulsi zien als Sita, terwijl Krishna-bhakta’s Haar vereren als Vrinda, Radha of Rukmani.

Vele Puranische legenden en dorpsverhalen vertellen hoe Tulsi op Aarde kwam en vereerd werd. De klassieke hindoemythe Samudramathana, het “Karnen van de Kosmische Oceaan”, vertelt dat Tulsi door Vishnu uit de turbulente zeeën geschapen werd als behoedster van de gehele mensheid. Alge mener zijn de legenden die beschrijven hoe de Godin Zelf als Tulsi op Aarde kwam. Een ingewikkelde legende uit Orissa ziet de struik als de vierde incarnatie van de Godin die als Tulsi verscheen aan het begin van het huidige tijdperk, Kali Yuga. Het verhaal vervolgt met intriges en misleiding onder de Goden, typisch voor de Puranische verhalen, en eindigt met Vishnu’s transformatie van de Godin Tulsi in een basilicumstruik.

Verering

De traditionele verering begint op de elfde dag van de wassende maan in de maand Jyaistha (mei-juni) wanneer de struik wordt gezaaid. Vervolgens wordt de zaailing drie maanden verzorgd. Tijdens deze periode bestaat de verering uit de zorg die aan de zaailing wordt gegeven. Bij volle maan in de maand Ashvina (augustus/september) wordt de verering intenser met gebeden en gezang, elke ochtend een rondgang van zeven keer en een of twee keer per dag het offeren van kamfer- of olielampjes, water, rijst, bloemen en zoetigheden. Dit wordt voornamelijk door de vrouwen in het huishouden gedaan. De verering bereikt een hoogtepunt op de elfde dag van de wassende maan in Karttika (oktober/november) tijdens een festival dat Tulsivivaha wordt genoemd: de Godin Tulsi wordt ceremonieel gehuwd met Haar gemaal Heer Vishnu. Vishnu wordt op dit huwelijk symbolisch vertegenwoordigd door de saligrama, een zwarte ammoniet (fossiele steen – red.) uit de Nepalese rivier Kali Gandaki. De meest godvruchtigen eindigen de verering op de veertiende dag door bladeren te offeren aan een rivier of gewijd bassin onder het zingen van de Vishnu Sahasranama, de 1008 namen van de Heer.

Van de houtachtige stengel, takken en zaden van Tulsi kunnen eenvoudige kralen worden gemaakt. Nijvere toegewijden maken mala’s, kralensnoeren, van een dode struik die zij hebben verzorgd, vereerd en gehuwd. Deze mala’s worden gebruikt voor japa, het opzeggen van gebeden, en op het lichaam gedragen voor zegen en bescherming van de Godheid gedurende het gehele jaar. Als er geen kralen van worden gemaakt, dient de gedroogde struik alleen in een rivier, oceaan of vijver te worden weggedaan.

Tulsi bezit, evenals alle andere soorten basilicum, opmerkelijke, helende eigenschappen, zowel natuur lijke als spirituele. Auteur Stephen P. Huyler schrijft, “Naast haar religieuze verdiensten wordt Tulsi al sinds mensenheugenis in de Indiase geschriften en overlevering geprezen als geneesmiddel tegen bloed- en huidziekten. Oude verhandelingen verheerlijken de plant als medicijn voor nierziekten en artritis, middel tegen giften en ter voorkoming van muggen- en insectenbeten of als zuiveraar van vervuilde lucht. Tulsi, bereid als medicinale thee of als kompres, wordt in India ge bruikt ter versterking van de interne en externe organen. Het wijdverspreide gebruik doet vermoeden dat deze tradities zijn gebaseerd op praktische werkzaamheid.” De voordelen van basilicum voor de gezondheid worden in elk verkrijgbaar boek over kruiden en ayurved beschreven.

Tulsi wordt ook veel gebruikt om de rituele zuiverheid te bewaren, voor reiniging en om kwaad af te weren. Een blad in de mond van een stervende dient om zeker te zijn van de overgang naar de hemelse rijken. Tijdens een eclips (verduistering) worden bladeren ingenomen en ook in bereid voedsel en opgeslagen water gedaan om occulte vervuiling tegen te gaan. Brandstapels bij begrafenissen bevatten vaak tulsihout om de geesten van de doden te beschermen als Bhutagni, vernietiger van demonen. Tulsi bladeren en -twijgen worden bij de ingang van huizen gehangen om demonen te weren. De aanwezigheid van een Tulsi – heiligdom houdt naar verluidt het gehele huis zuiver, vredig en harmonieus.

Uit: Hinduism Today (vertaling Sampreshan)

TOP