Surinaams/Hindostaanse folk music verdient ook een plaats in De Nieuwe Kerk in Amsterdam

Suriname en Nederland zijn reeds eeuwen aan elkaar verbonden, met een gezamen­lijke geschie­denis die maar weinig mensen in Nederland kennen. Dit, vooral ook omdat hier weinig aandacht aan wordt besteed in het onderwijs. Ook in het publieke debat over de relatie tussen Suriname en Nederland komt deze geschie­denis maar weinig tot uiting. En als dit het geval is, wordt het debat vooral gedomi­neerd door de discussies rondom de slavernij en zwarte piet. Dit jaar viert Suriname 45 jaar onafhan­ke­lijkheid. Naar aanleiding hiervan heeft De Nieuwe Kerk in Amsterdam gemeend een tentoon­stelling te organi­seren over het land en zijn bewoners: De Grote Suriname Tentoonstelling, die op 5 oktober 2019 werd geopend. De tentoon­stelling vertelt het verhaal van Suriname en zijn bewoners met hun culturele eigen­heden.

Een reis door Suriname

In de fraai ingerichte ruimte van De Nieuwe Kerk, waar in 2002 koning Willem-Alexander en koningin Maxima trouwden, maak je in De Grote Suriname Tentoonstelling een reis door Suriname aan de hand van meer dan driehonderd voorwerpen: arche­o­lo­gische vondsten, histo­rische foto’s en documenten, kleding­stukken, heden­daagse kunst, film- en muziek­frag­menten, sieraden en toege­paste kunst. De tentoon­stelling laat vele aspecten van Suriname zien: de oorspron­ke­lijke bewoners, de planta­ge­cultuur, slavernij en contract­arbeid, het veelkleurige culturele leven, de monumentale binnenstad van Paramaribo, de Surinamerivier en de rijke flora en fauna. Ook bekende histo­rische momenten hebben een plaats in deze enorme tentoon­stelling, die georga­ni­seerd kon worden dankzij een brede samen­werking met andere musea, archieven, verza­me­laars en kunste­naars in Suriname en Nederland. Ook schrijvers, historici, artiesten en enkele organi­saties hebben een bijdrage geleverd.

De tentoon­stelling is nu al met meer dan 140.000 bezoekers de meest succes­volle tentoon­stelling in De Nieuwe Kerk ooit. Het succes voor De Nieuwe Kerk is zo overwel­digend dat besloten is om de tentoon­stelling met een maand te verlengen tot 1 maart 2020. De tentoon­stelling is heel erg kleurrijk en soms zelfs verrassend te noemen. Echter, her en der is de kritiek te horen dat de tentoon­stelling helaas toch niet een evenwichtig beeld geeft van het land Suriname. De aandacht is niet evenredig verdeeld over alle aanwezige bevol­kings­groepen en tijdens de tentoon­stelling zie je een creoolse dominantie. Dat is jammer, omdat Suriname meer is dan alleen de focus op een bevol­kings­groep.

Hindustáni Folk Music Concert

Om de tentoon­stelling toch met enige diver­siteit te larderen werd er, op initi­atief van radio­maker en televi­sie­per­soon­lijkheid Prem Radhakishun, een Hindostaanse culturele middag aan gekoppeld. Dit, naar analogie van wat theater­maker John Leerdam eerder deed. Hij koppelde het theater­pro­gramma De Suriname Monologen aan de tentoon­stelling. Hierin staan enkele hoofd­rol­spelers uit de Surinaamse geschie­denis centraal en kruipen acteurs in de huid van, bijvoor­beeld, Johan Ferrier (eerste president), Jaggernath Lachmon (politiek leider), Nola Hatterman (kunste­nares). Deze monologen waren een groot succes. Op verzoek van Prem Radhakishun en De Nieuwe Kerk stelde Rabin Baldewsingh een middag­pro­gramma samen waarbij aandacht was voor de folkmusic van de Hindostanen. Zo konden bezoekers van de tentoon­stelling op 19 januari 2020 in De Nieuwe Kerk genieten van het Hindustáni Folk Music Concert, waarin de nadruk lag op de diverse stijlen van de baithak gáná, birhá’s en daaraan verbonden dansen als ahirwá ke nác en de londá ke nác. Met de zeer infor­ma­tieve presen­tatie van Baldewsingh kon men op deze wijze ook kennis­maken met dit aspect van de Surinaamse cultuur.

Baithak gáná

De baithak gáná is erg belangrijk voor de Hindostaanse culturele beleving. Dit   muziek­genre is op Surinaamse bodem ontstaan uit de cultuur­ele­menten die de Brits-Indische contract­ar­beiders hadden meege­nomen naar de plantages in Suriname en die na de contracttijd door hen en hun nazaten verder werden ontwikkeld. Zij hebben de Bhojpuri-cultuur die ze uit India meenamen een eigen touch gegeven die zichzelf later tot een nieuwe Caraïbische stijl zou ontwik­kelen. De baithak gáná heeft veel ontwik­ke­lings­fases gekend en is dominant aanwezig vanaf de jaren twintig van de vorige eeuw. Daarna ontwik­kelde deze zich tot een sterke vorm van klassieke zang en muziek. De baithak gáná beleefde gouden tijden in de jaren vijftig met legen­da­rische bands als Oranjeband en Noerband. De diverse muziek­stijlen die binnen de baithak gáná worden beoefend zijn: dádrá, langri, dhrupad, khayál, thumri en catni. Ook in Nederland zijn deze te beluis­teren tijdens culturele evene­menten en feesten.

Tijdens haar optreden illustreerde de jonge baithak gáná zangeres Ashvita Bisai uit Amsterdam, samen met haar muziek­for­matie Mishrá, de diverse klassieke muziek­stijlen. Ook liet ze enkele badhaw nummers aan het aanwezige publiek horen, met name liederen van de legen­da­rische Surinaamse zangeres Dropati, de vrouw die op een specta­cu­laire wijze een positie wist te veroveren binnen de door mannen gedomi­neerde baithak gáná van de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw. Ook wist Dropati haar muziek met haar optredens in Trinidad en Guyana te inter­na­ti­o­na­li­seren. Zij is ook de eerste Hindostaanse artiest die in Suriname een langspeel­plaat heeft gemaakt.

Maar het populairste genre binnen de baithak gáná is zonder enige discussie de catni. Dit genre werd in de jaren zeventig van de vorige eeuw op diverse podia geïntro­du­ceerd door de vermaarde zanger Ramdew Chaitoe. Met zijn prachtige stem en zijn dynamische muziek veroverde hij de harten van vele duizenden mensen in binnen- en buitenland. Helaas overleed hij in de jaren tachtig veel te vroeg. Wie nu in zijn voetsporen is getreden is de jonge dynamische zanger Dewindersingh Sewnath uit Den Haag. Hij is werkelijk een groot talent. Inmiddels heeft hij zowel in Nederland als in Suriname (Caraïbisch gebied) een herkenbare plek weten te veroveren in de wereld van de baithak gáná muziek. In De Nieuwe Kerk liet hij enkele zeer bekende baithak gáná nummers horen alsook enkele van zijn eigen compo­sities.

Londá ke nác

Een belangrijk aspect van de baithak gáná muziek is de londá ke nác. Deze dans, uitge­voerd door een man verkleed als vrouw, is zeer tekenend voor Hindostaanse feesten en culturele festivals en niet meer weg te denken uit de Hindostaanse culturele scene. Helaas zijn er maar weinig mensen die deze dansvorm beoefenen. Ontstaan uit de Rogan ke nátak, het Hindostaanse toneel, en inwor­telend in de culturele geschie­denis van de Hindostanen in Suriname, is deze dans een zeer populaire vorm van enter­tainment. De londá ke nác is sierlijk, wervelend en ook amusant. In De Nieuwe Kerk werd de dans opgevoerd door Tina, een jongeman van achter in de twintig die op dit moment furore maakt in Nederland. Op zijn zeven­tiende werd hij gepakt door deze dans die hij sedertdien is blijven beoefenen.

Ahirwá ke nác

En dan was er in het programma ook ruimte voor de expressie van birhá’s en de ahirwá ke nác, de zogenaamde boerendans, of de dans van de koeherders. Deze van oorsprong Indiase volksdans kreeg in Suriname een eigen zichtbare plek. Deze dans werd vooral opgevoerd na het binnen­halen van de oogst in vroegere tijden. Nu wordt deze dansvorm, die eigenlijk met uitsterven wordt bedreigd, vooral op culturele bijeen­komsten en festivals opgevoerd. De nagárá muziek is het geluid waarop er gedanst wordt. Deze dans heeft speci­fieke eigen­schappen die samen­hangen met het ritme van de muziek. De in Rotterdam woonachtige Soender Hira is op dit moment de enige ahirwá danser in Nederland en hij wordt altijd op de nagárá begeleid door zijn zoon Kishan Hira. Inmiddels is de wat ouder wordende Soender Hira wel bezig enkele enthou­si­as­te­lingen op te leiden die hopelijk het stokje in de toekomst van hem overnemen. Tijdens het optreden van Hira en zoon liet ook Prem Radhakishun, daartoe uitge­daagd door Baldewsingh, zijn ahirwá ke nác kunsten zien (zie 4e foto boven).

Het Hindustáni folk music concert was een welkome en gezellige aanvulling om tijdens De Grote Suriname Tentoonstelling de culturele diver­siteit van Suriname te laten zien.

Met dank aan Rabin Baldewsingh

Lees ook De Grote Suriname Tentoostelling — De Nieuwe Kerk

TOP