Humor in tijden van het Coronavirus

Hans Ramsoedh

Humor is een van de manieren om om te gaan met crisis­si­tu­aties. De huidige Coronacrisis roept bij mij associ­aties op met de roman Liefde in tijden van cholera (1986) van de Colombiaanse Nobelprijswinnaar Gabriel García Márquez over een onmogelijk en onver­ge­telijk liefdes­verhaal tussen twee mensen met als hoofdthema’s ziekte (cholera), liefde, ouderdom, eenzaamheid en humor. Evenals in de roman van Márquez is nu ook bij de huidige Coronacrisis de humor gelukkig niet weg te denken.

Het is nu een aantal weken dat we te maken hebben met het Coronavirus en allerlei ongemakken die hiermee samen­hangen. Al drie weken geldt er een gedeel­te­lijke lockdown of ‘ophok­plicht’ die inmiddels vooralsnog tot eind april geldt: scholen en veel publieke instel­lingen zijn gesloten, openbare bijeen­komsten zijn afgelast en veel mensen werken thuis. Het Coronavirus heeft in Nederland reeds meer dan duizend doden geëist en enkele duizenden mensen zijn met dit virus besmet of liggen op een IC-afdeling in het ziekenhuis.

Het is schokkend om te zien hoe deze pandemie om zich heen grijpt. Ik vrees dat in veel ontwik­ke­lings­landen deze pandemie een behoor­lijke tol zal eisen vanwege de gebrekkige gezond­heidszorg. Schokkend om te lezen is dat in een land als Oeganda (43 miljoen inwoners) slechts drie beade­mings­ap­pa­raten aanwezig zijn. Dit zal in veel andere ontwik­ke­lings­landen niet anders zijn.

Het Coronavirus leidt tot allerlei ongemakken en sociale beper­kingen: ouders die hun kinderen thuis moeten onder­steunen bij onder­wijs­taken, sociale contacten zijn in zeer belang­rijke mate beperkt, zieken die niet bezocht kunnen worden, stervenden van wie geen afscheid genomen kan worden en veel ouderen die in een sociaal isolement zijn geraakt.

Het gaat ook om kleine ongemakken. Ik had al drie weken terug naar de kapper gewild, maar  naar het zich laat aanzien zal dat in het gunstigste geval niet eerder zijn dan begin mei. Ik kreeg het advies om het haar maar in een paarden­staart te doen. Dit kleine ‘ongemak’ is echter te verwaar­lozen als we dit afzetten tegen het grotere leed en ongemak in deze tijd.

In de begin­pe­riode van het Coronavirus was er sprake van enige paniek bij de bevolking met name wat betreft de beschik­baarheid van producten in de super­markten. Op sociale media circu­leerde een filmpje over Amerikaanse vrouwen die elkaar in de haren vlogen vanwege een pak toilet­papier. Ook in Nederland heerste er in het begin een hamster­woede van curieus genoeg vooral toilet­papier. Na oproepen van premier Rutte dat hamsteren absoluut niet nodig was en gelijk stond aan asociaal gedrag en het bericht van super­markten dat van schaarste absoluut geen sprake was, werd de hamster­woede bij het winkelend publiek gelukkig minder.

De afgelopen decennia overheersten het eigen ik en het egoïsme. Nederland had een kort lontje gekregen. Een ieder die het ergens niet mee eens was kon op sociale media ‘leeglopen’. Nederland leed aan ‘verbale diarree’. De term ‘zolder­ka­mer­ter­rorist’ deed in dit verband zijn intrede.
Als gevolg van de huidige Coronacrisis zien we gelukkig een kentering. Van Johan Cruijf is de bekende uitspraak ‘elk nadeel heb z’n voordeel’. We zien in deze periode allerlei hartver­war­mende initi­a­tieven ontplooid worden die blijk geven van een groeiende solida­riteit in de samen­leving. In de openbare ruimte zien we dat mensen rekening met elkaar houden. In navolging van de oproep van premier Rutte is er zorg voor elkaar en we letten op elkaar: de campagne doeslief lijkt aan te slaan. Sinds deze week zijn in Arnhem overal in de stad borden met teksten van de actie­groep Loesje geplaatst om, naar ik aanneem, vooral de glimlach te laten preva­leren in plaats van het chagrijn. Het is uiteraard de vraag in hoeverre de zorg voor en het letten op elkaar blijvend zullen zijn.

Op basis van sociaal­psy­cho­lo­gisch onderzoek in het verleden werd gesteld dat in noodsi­tu­aties de mens een aantal treden op de ladder van de beschaving treedt. Dan grijpen paniek en geweld om zich heen en openbaart zich onze ware natuur. In dit verband wordt gesproken van de vernis­theorie: de beschaving zou maar een dun laagje zijn dat bij het minste of geringste zou barsten. De auteur Rutger Bregman stelt daaren­tegen steevast dat in noodsi­tu­aties juist het omgekeerde het geval is: in noodsi­tuatie komt het beste in mensen naar boven. Dat mensen van nature egoïs­tisch, panie­kerig en agressief zijn is een hardnekkige mythe, aldus Bregman. Met de Blitz (Duitse lucht­bom­bar­de­menten van Londen) dacht Hitler het Engelse moreel te breken. Maar wie over de maanden van de Blitz leest stuit op de ene na de andere beschrijving van een wonder­lijke kalmte die neerdaalde over Londen. Hitler had geen rekening gehouden met het typisch Britse karakter, de stiff upper lip en de droge Britse humor. Ondernemers zetten bordjes voor de ruïnes die eens hun winkels waren: more open than usual. Op basis van vele voorbeelden stelt Bregman dat de meeste mensen deugen, ook in crisis­tijden. Bregmans boek (De meeste mensen deugen. Een nieuwe geschie­denis van de mens ‑2019) is dan ook een aanrader (feelgood boek) in deze bijzondere tijd waarbij we vooral op ons zelf zijn aange­wezen.

De huidige lockdown leidt uiteraard tot heel veel ongemak. De een kan er makke­lijker mee omgaan dan de ander. In deze hectische tijden is de humor opvallend aanwezig, maar goed ook. Zo heeft de lockdown als gevolg dat contacten via sociale media met vrienden en familie zijn vergroot. Een van de contacten betreft het delen of de uitwis­seling van veel grappen, plaatjes en memes (grappige filmpjes) in relatie tot het Coronavirus. Deze gaan inmiddels overal ter wereld viraal. Onderzoek naar humor is ook een serieuze tak van sport binnen de commu­ni­ca­tie­we­ten­schap. Communicatiewetenschappers van de Universiteit van Amsterdam en Leuven zijn een onderzoek gestart naar ‘Coronahumor’ over de hele wereld. De focus bij hun onderzoek ligt op verschillen tussen culturen en de ontwik­keling van ‘Coronahumor’ met als vragen in hoeverre deze humor de stemming verlicht of dient als scherpe politieke satire.

Wat is de betekenis van de uitwis­seling van deze humor? Humor is een van de manieren om met de huidige situatie om te gaan, het nieuws dat we tot ons krijgen te behappen en ook om met elkaar te commu­ni­ceren. Het aantal corona­g­rappen dat het internet dagelijks overspoelt, is dan ook enorm. Uit diverse onder­zoeken blijkt dat humor en lach niet alleen stress wegnemen, het immuun­systeem versterken en de bloeddruk verlagen, maar ook troost bieden, mensen nader tot elkaar brengen en spanning ontladen. Met andere woorden humor en de lach zijn bevor­derlijk voor de gezondheid, werken bevrijdend, helpen om de dagelijkse sores even te vergeten, helpen mensen om om te gaan met moeilijke situaties en relati­veren een ernstige zaak als corona.

Sinds de Coronacrisis ontvang ik dagelijks via WhatsApp een tiental grappen, afbeel­dingen en memes die verband houden met het Coronavirus. Dit zal voor velen gelden, neem ik aan. Ik krijg ze toege­stuurd van vrienden en familie die ik vervolgens op mijn beurt weer doorstuur naar mijn vrienden- en familie­kring. De meeste zijn redelijk onschuldig van aard en vorm: van flauw, humoris­tisch tot hilarisch. Ze spelen in op de realiteit en gaan dus meestal over hamsteren, thuis­werken, winkelen en afstand houden. Bij al deze grappen, afbeel­dingen en memes zit er een categorie die weliswaar een link heeft met de Coronacrisis maar niettemin als seksis­tisch kan worden gekwa­li­fi­ceerd. Het bijzondere hiervan is dat ik deze memes en afbeel­dingen van personen krijg toege­stuurd van wie ik dat onder ‘normale omstan­dig­heden’ zeer zeker niet zou hebben ontvangen. Ook de personen aan wie ik deze vervolgens doorstuur zou ik ze ook onder ‘normale omstan­dig­heden’ niet hebben doorge­stuurd. Mijn aanname is dat deze seksueel getinte afbeel­dingen en memes vooral onder mannen circu­leren, al weet ik het niet zeker. Blijkbaar zijn in deze bijzondere tijden de grenzen op dit punt (tijdelijk) opgerekt of fluïde geworden. ‘Het moet kunnen’ in deze hectische tijd zal de gedachte wel zijn.

In Freuds visie zou deze seksuele variant van de Coronahumor zijn oorsprong vinden in de onder­drukking van de manne­lijke drift. Freuds theorie over driften is echter voor een belangrijk deel echter niet toetsbaar. Deze seksueel getinte Coronahumor heeft in mijn optiek vooral een sociale ventiel­functie, te weten de ontlading van sociale spanning die kennelijk ook een specifiek manne­lijke humor­va­riant kent. Ook deze vorm van humor moeten we in deze tijd zien als een bron van vermaak en vooral niet al te serieus nemen. Mijn advies aan iedereen in deze periode van lockdown? Blijf vooral de humor opzoeken en deze zien als sociale medicatie in deze moeilijke tijden. Lachen om de vele afbeel­dingen en memes is te verge­lijken met een partijtje joggen; je hoeft er gelukkig niet de deur voor uit. En blijf vooral gezond.

Ter afsluiting hieronder twee van mijn favoriete ontvangen teksten in relatie tot het Coronavirus.

Memes: Internet

 

TOP